Greenwashing is het fenomeen dat bedrijven zich op het gebied van maatschappelijk verantwoord ondernemen beter voordoen, dan ze in werkelijkheid zijn. Bedrijven beweren aan de verkoopkant dat ze milieubewust zijn, maar aan de inkoopkant van de organisatie hebben ze er nog nooit van gehoord. De producten of diensten zijn als het ware gedoopt in een bak met groene verf. Er blijft slechts een flinter dun laagje “groen” over.
Een onderneming kan bijvoorbeeld aan de ene kant het Wereld Natuurfonds (WNF) steunen waar het aan de andere kant extreem vervuilend is. Met het ondersteunen van het WNF is natuurlijk niets mis, maar blijf in marketinguitingen wel eerlijk tegenover klanten. Dus, het roepen dat de eigen “vervuilende” organisatie goed bezig is omdat het WNF financieel gesteund wordt is een kwalijke vorm van Greenwashing.
Het bedrijf zou eigenlijk moeten kijken naar bijvoorbeeld ecodesign, gebruik van groene grondstoffen, terugdringen van watergebruik en het verder reduceren van de eigen CO2-uitstoot & -footprint.
Terra Choice beschreef in 2007 zes vormen (plus 1) van Greenwashing. Hieronder volgt een uiteenzetting:
De zonde van de verborgen vervuiling: de positieve milieu-impact van een product benadrukken terwijl het productieproces extreem vervuilend is. Dit is de meest voorkomende vorm. We hebben een filmpje.
De zonde van geen bewijs: het valt niet te controleren of een product groen is of niet. Het is niet gecertificiteerd en er is geen onafhankelijk bureau die dat controleert
De zonde van vaagheid: het gebruik van nietszeggende termen ‘niet giftig’, ‘natuurlijk product’, ‘groen’, ‘milieuvriendelijk’
De zonde van irrelevantie: wij hebben alleen ongelode benzine, terwijl in Europa alleen maar ongelode benzine verkocht mag worden
De zonde van het goede van het kwaad: het opleuken van schadelijke producten met groene predicaten
De zonde van het jokken: schermen met certificaten die eigenlijk niet eens bestaan, of door het bedrijf zelf zijn verzonnen
De zonde van suggestieve plaatjes: bloemen uit schoorstenen
In essentie zijn er bedrijven die vervuilen. Er is vraag naar die producten en daar ligt de essentie van het probleem. Wij, de maatschappij, vragen naar chemicaliën en fossiele brandstoffen die een onaanvaardbare impact hebben op het milieu. We zijn er verslaafd aan! Maar, we betalen er ook voor! Als we dat niet meer doen, dan zullen er nieuwe milieuvriendelijker varianten ontwikkeld worden.
Eindelijk is er dan een Europees akkoord over het bedrag voor compensatie van ontwikkelingslanden voor de gevolgen van klimaatverandering. Dit akkoord vormt de Europese inzet voor de onderhandelingen tijdens de klimaattop van de Verenigde Naties gehouden half december in Kopenhagen. Het is financieel gezien een mager klimaatakkoord.
Vooralsnog leek het niet dat de EU-27 regeringsleiders tot overeenstemming zouden komen, maar uiteindelijk werden ze het wel eens over de hoogte van een bedrag. De verwachting is dat de Europese Unie 2 tot 15 miljard euro per jaar beschikbaar stelt voor klimaatsteun vanaf 2020. Sommigen beweren dat in totaal €110 miljoen beschikbaar zou moeten komen voor arme landen. De EU moet dan in VN-verband circa €35 miljard per jaar bijdragen. Er is dus een groot verschil en dat betekent dat er van de arme landen ook een offer gevraagd wordt. Beetje wrang omdat de rijkere landen voor het merendeel van de uitstoot en dus de klimaatverandering zorgen.
Volgens de Europese Commissie moeten private investeringen en opbrengsten uit de emissiehandel geld gaan opleveren die het bedrag omhoog kunnen brengen. Op dit moment werkt dit systeem nog niet erg goed.
Uit reacties van de NGO’s lees ik veel teleurstelling. Persoonlijk ben ik al lang blij dat de EU nu eindelijk “deels” haar verantwoordelijkheid neemt en tot een minimaal akkoord komt. Het begin is er. De EU had ook kunnen kiezen om niets te doen in verband met de economische crisis. We zien dat ook lagere overheden in Nederland doen.
Natuurlijk is het nog de vraag wat ervan overblijft. De echte onderhandelingen tijdens de VN-top met alle andere landen moeten nog plaatsvinden.
Kijk als het ff tegenzit met de belastinginkomsten vanwege de economische crisis, dan moet het klimaat en de luchtkwaliteit maar even wachten, meent de Provincie Noord-Brabant. Is klimaat en luchtkwaliteit dan een luxeding waar je je alleen maar druk over hoeft te maken in tijden van hoog conjunctuur? Of zouden ze bij de Provincie denken dat het lek boven is? Economische crisis betekent tenslotte minder productie, minder transport, dus minder milieuproblemen! Is het klimaatprobleem en de luchtverontreiniging daarmee opgelost? Heb ik iets gemist?
Wat ook de redenen mogen zijn, Noord-Brabant schrapt een bedrag van 40 miljoen Euro uit haar begroting voor 2010 en dan vooral sneuvelen investeringen op het gebied van klimaat en luchtverontreiniging. Leg dat ook eens uit aan de bewoners van de Eisenhowerlaan in 040. Of de overige inwoners van 040 die meer last van luchtvervuiling hebben door het verkeer op de weg dan wettelijk is toegestaan.
In het nog niet zo recente verleden hebben de Gedeputeerde Staten ruim 2 miljard Euro verdiend aan de verkoop van energiebedrijf Essent, maar dat is niet bestemd voor het dichten van gaten, aldus de Provincie. Nee, ze hebben het geld op de bank gezet om rente te vangen, om andere gaten mee te dichten.
Remember: Essent heeft veel geld verdiend voor de provincie met de inkoop en verkoop van door kolenopgewekte elektriciteit en warmte. Doe is wat terug! Een dikke FAIL dus voor Noord-Brabant!
Met genoegen kunnen wij meedelen dat DConsult een opdracht bij FENCO-ERA – the Fossil Energy Coalition heeft verworven. FENCO-ERA is gefinancierd door de Europese Commissie. Partners en observanten in het project zijn:
Forschungszentrum Jülich GmbH (Germany), Bundesministerium für Wirtschaft und Technologie (Germany), Bundesministerium für Wirtschaft und Arbeit (Austria), Austrian FENCO Initiative, Energinet.DK (Denmark), General Secretariat for Research and Technology (Greece), Centre for Research and Technology Hellas (Greece), SenterNovem (the Netherlands), The Research Council of Norway, Fundacao para a Ciencia e a Technologia (Portugal), Ministerio de Ciencia e Innovación (Spain), Department of Energy and Climate Change (United Kingdom), AEA Energy and Climate Change Consultancy (United Kingdom), GIG Central Mining Institute (Poland), Ministry of Economic Affairs and Labour (Poland), NCBIR (Poland) National Centre for Research and Development National Institute of Marine Geology and Geoecology (Romania), Agence Nationale de la Recherche (France); Ministry of Economics Affairs and Communication (Estonia), MoE Ministry of Economics (Latvia)
Ministero dello Sviluppo Economico (Italy)
Hartelijk dank voor het geschonken vertrouwen en we kijken uit naar de samenwerking.
Objectives FENCO-ERA is a key component of an overall carbon management strategy. Global energy demand is anticipated to double by about 2030. Satisfying this increased energy demand will pose many challenges. These include concerns about global climate change, security of energy supply, the role of nuclear power and the use of renewable energy. FENCO recognises this evolving energy situation and aims to ensure that the EU fossil fuel technology industry can compete effectively in the marketplace. This will be achieved by the networking of Member States Fossil Energy Programmes to establish, in conjunction with stakeholders, a critical mass Europe-wide initiative that can compete with the USA and Japan.
The overall aim of FENCO-ERA is to network the national R&D activities in the field of fossil energy conversion and CO2 capture and storage in order to construct a durable ERA-Net. Therefore it is intended to:
Implement and continuously improve a platform for information exchange on fossil fuel R&D activities at national and regional level;
Establish a common knowledge base for the development of a European policy towards zero emission power plants;
Strengthen the European R&D and demonstration infrastructure on clean fossil power generation through joint programming, management, personnel exchange and targeted integration activities;
Support the Lisbon strategy of the European commission process by enhancing the competitiveness of European power plant manufacturers.
The final impact of FENCO-ERA will be to provide the basis and set up a durable network for the development and promotion of zero emission power plants in Europe.
FENCO-ERA complements the HyCo ERA-NET for hydrogen and fuel cells that in the foreseeable future will rely on fossil based technologies. It also has synergies with the Bioenergy ERA-NET.
De Europese milieuministers hebben vandaag hun inzet voor de Klimaattop in Kopenhagen bepaald. Helaas ontbreken de financiële paragrafen nog. De voorstellen zijn niet echt ambitieus. Zo heeft de EU zich gecommitteerd aan een reductie in CO2 uitstoot van 80-95% (ten opzichte van 1990) in 2050. Dat is over 41 jaar! Is tegen die tijd de olievoorraad niet bijna op? Valt er dan nog wat uit te stoten?
Positief is wel dat nu eindelijk mondiale doelstellingen voor CO2 reductie zijn geformuleerd voor de scheep- en de luchtvaart. Daarmee is de basis gelegd voor een pakket aan maatregelen waar de EU in Kopenhagen de onderhandelingen tijdens de Klimaattop mee start. Minister Jacqueline Cramer van Ruimte en Milieu is zelf tevreden met hetgeen is overeengekomen.
Helaas lees ik nog niks over compensatie voor ontwikkelingslanden, die vaak hinder ondervinden vanwege de klimaatverandering. De ontwikkelde landen zijn voor 80% verantwoordelijk voor de uitstoot van CO2 en overige broeikasgassen gedurende de afgelopen 100 jaar.
Vandaag viel een brief, van onze Wethouder van Milieu Merrienboer, en een foldertje in onze brievenbus over de actie Plastic Hero. De gemeente 040 is 7 september jl. een actie gestart met het gescheiden inzamelen van plastic verpakkingsafval. Hoera! Naast het scheiden van bijvoorbeeld GFT-afval, glas en papier mogen we van Merrienboer nu ook plastic verpakkingen zoals flessen, tubes, plastic zakken, bakjes en boterkuipjes gaan scheiden van het overige afval. Het doel is om het ingezamelde plastic verpakkingsafval na inzameling te recyclen.
Volgens de website: …En zo werkt u en iedereen in de gemeente mee aan een schoner milieu!
Ik sta helemaal achter dit initiatief, maar uhm… Ik durf het bijna niet zeggen, maar waarom moet er dan juist weer een plastic vuilniszak aan het postpakketje toegevoegd worden? Ik heb eens minuscuul de tas onderzocht maar ik zie nergens “composteerbaar” staan. Kleine FAIL dus! Het zou een uitgelezen kans zijn om de Eindhovenaar ook meteen eens kennis te laten maken met een tas van bijvoorbeeld polymelkzuur of polylactide (PLA), of te wel thermoplastische polymeren van melkzuur.
Dit type plastic is biologisch afbreekbaar en wordt gemaakt uit hernieuwbare plantaardige grondstoffen (maïszetmeel of suikerriet). Hiermee zou het mes aan twee kanten kunnen snijden. Actie om plastieken in te zamelen en tegelijkertijd te kiezen bij de supermarkt voor producten in composteerbare verpakkingen. ….Bestaan die dan? Jazeker, het is wel even goed zoeken bij Albert Heijn, maar ze liggen er echt!
Nu heeft de gemeente 040 volgens mij een traditionele plastictas bestaande uit petroleumchemicaliën zoals polyetheen, polypropeen of polystyreen toegevoegd. Het bestrijden van afval met meer afval!